Kampvuur gesprek III

De krabbenmand is een merkwaardig fenomeen. Er hoeft nooit een deksel op omdat elke krab die omhoogklimt door de anderen weer naar beneden getrokken wordt.
Volgens Mahmud is het leven in Nuweiba’ als het leven in een krabbenmand. Wie zijn kop boven het maaiveld uitsteekt wordt genadeloos onthoofd.

‘Hier is iedereen altijd jaloers, niemand gunt een ander wat. Wie een meevaller heeft moet dat verborgen houden. Anders wordt erover gekletst.’
Of dat zo erg is, vraag ik hem. Mensen kletsen altijd, wat maakt het uit? Maar Mahmud is het niet met me eens. Zijn moeder zou er last van kunnen krijgen, of zijn broers.

Daarom houdt Mahmud van alles en nog wat geheim voor zijn omgeving. Ook voor zijn vrienden.
Al een paar jaar werkt hij hard om een mooie boomgaard en groentetuin te ontwikkelen. Stenen zijn uit de grond gehaald, het terrein is ommuurd, er is een windvang van bomen geplant. De waterput is bijna klaar.

Maar toen ik in het bijzijn van een van zijn beste vrienden over zijn tuin begon, keek Mahmud bepaald niet blij. Later sprak hij mij erop aan. ´Je moet niet zoveel praten Maryam, Yusuf weet helemaal niet dat ik een tuin heb. Dat had ik graag zo gehouden. Hij wordt alleen maar jaloers en dan gaat onze vriendschap kapot.´

Hoe dit gebied rond Nuweiba´zich moet ontwikkelen is me een raadsel. Initiatieven worden de kop ingedrukt door de sociale omgeving, een nieuw idee of product wordt weggelachen of neergesabeld en een frisse wind wordt slechts in de woestijn gewaardeerd.

Sommige toeristen blijven hier hangen. Ze worden verliefd op een man, de kamelen of het gebied. Met wat geld en creativiteit proberen ze iets nieuws op te zetten. Zoals een ijssalon, een pizzeria of een leuk hotelletje. In het begin is iedereen enthousiast. Want het biedt vaak werkgelegenheid en ook de plaatselijke bevolking wil weleens een pizza o f sorbet proeven. Maar na een paar maanden steekt de jaloezie de kop op. Waarom komen daar wel klanten en in het saaie mannencafé niet?
‘Die vrouw heeft geld, dat heeft ze aan haar partner gegeven en daarom loopt die ijssalon. Wat een Saakin ar-riehh,*) die vent, zelf deugt hij voor niks. ‘
‘Toeristen slaan onze bedrijven over, ze gaan liever eten bij hun eigen volk. Die lui van de pizzeria nemen onze omzet weg.’
En zo verkilt de relatie tussen de bewoners en de nieuwkomers. En komt er van nieuwe impulsen vaak weinig terecht.

Mahmud is een fijne gids en aangenaam gezelschap. En daarom wilde ik hem een olijfboompje cadeau doen. Voor zijn boomgaard. Het leek me leuk om dat boompje samen te gaan kopen, al was het alleen maar om eens een kwekerij hier te zien.
Maar dat gaat niet volgens Mahmud. ‘Want dan zit je bij mij in de jeep en dan ziet iedereen dat. En dan denken ze dat je mijn vriendin bent en dat ik van jouw geld leef.’
In de woestijn kan kennelijk alles. Dat vele bedoeïenen er alleen met een vrouw opuit trekken vindt niemand een probleem. Maar samen in een jeep zitten in het dorp, nee hoor, stel je voor.

http://www.hadiyareizen.nl

*) Saakin ar-riehh: windstilte. In de woestijn verlangt men altijd naar een zuchtje wind. Windstilte kan men missen als kiespijn.

Advertenties

5 thoughts on “Kampvuur gesprek III

    • Vroeger was individualisme ongewenst. De eigen groep het belangrijkst. Zoals de bedoeienen zeggen: ik tegen mijn broer, mijn broer en ik tegen mijn neef, mijn neven en ik tegen onze achterneven. Daarnaast leeft de gedachte dat de oorzaak van een probleem altijd bij de ander ligt. Zelfinzicht laat staan zelfkritiek is hier niet gewoon.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s